Sinds Willem van Oranje zijn bijna alle overledenen van de Nederlandse Koninklijke Familie bijgezet in de koninklijke grafkelders in de Nieuwe Kerk. In 2002 en 2004 nog, vonden achtereenvolgens Prins Claus, Koningin Juliana en Prins Bernhard hier hun laatste rustplaats.

Prins Claus
Iedere koninklijke uitvaart bevat naast strikte protocollen ook een persoonlijk karakter. Bij die van Prins Claus van Amsberg op 15 oktober 2002 - de eerste sinds veertig jaar - koos Prinses Beatrix voor een sobere maar moderne ceremonie. Alle bloemstukken waren groen en wit, naar de kleuren van het familiewapen van de Von Amsbergs.

Koningin Juliana
Na Prins Claus werd als eerste zijn schoonmoeder Juliana, moeder van Beatrix, bijgezet in de Nieuwe Kerk, op 30 maart 2004. Op haar eigen verzoek was wit de overheersende kleur; symbool van de wederopstanding. Ook Juliana's ouders Wilhelmina en Hendrik hadden een witte uitvaart. Tijdens de dienst zong dochter Christina het lied ‘It's a gift to be simple'.

Prins Bernhard
De meest recente uitvaart (11 december 2004) had een militair karakter. De kist met Prins Bernhard, vader van Beatrix, werd op een affuit vervoerd. De Koninklijke Luchtmacht bracht hem een eerbetoon door bij binnenkomst in de kerk in een zogenoemde missing man-formatie over te vliegen met drie F16-straaljagers en een Spitfire-vliegtuig. Met de bijzetting van Bernhard kwam het totaal aantal stoffelijke overschotten in de koninklijke grafkelders op zesenveertig.