De toren van de Nieuwe Kerk is al eeuwen kenmerkend voor het ‘gezicht’ van Delft. Na een aantal renovaties bereikte de toren de huidige status: 108,75 meter hoog en dus de op één na hoogste kerktoren van Nederland.

Wetenschap
Het was vanaf deze toren dat geleerden Simon Stevin en Jan Cornets de Groot (de vader van rechtsgeleerde Hugo) hun beroemde valproeven deden. Met twee loden ballen - de één tien keer zo zwaar als de andere - toonden de wetenschappers aan dat zware en lichte voorwerpen van dezelfde afmeting even snel vallen.

Niet oneindig
Op 6 september 1496, honderd jaar na de start van de bouw van de stenen kerk, kwam de toren af. In de top had men een reusachtige ‘appel' aangebracht; het symbool voor oneindigheid. Het bestaan van de toren bleek echter alles behalve oneindig te zijn, want al met de stadsbrand van 1536 werd deze volledig verwoest.

Bliksem
De spits werd vervangen door een nieuwe - dit keer zonder ‘appel' - en het leek erop dat de toren definitief klaar was. Eind 19e eeuw sloeg echter opnieuw het noodlot toe: blikseminslag. Daarop ontwierp de bekende architect Pierre Cuypers in 1872 de huidige torenspits.

Zure regen
Sindsdien is de toren van de Nieuwe Kerk intact gebleven. Hoewel; de zwartgeblakerde top doet vermoeden dat er een flinke brand in heeft gewoed. Niets is echter minder waar. Voor deze tweede achtkant gebruikte men Bentheimer zandsteen, dat door verwering (zure regen) steeds donkerder wordt. Schoonmaken heeft geen zin.

 

Historische tijdlijn

Sluit tijdlijn ×